zandkorrels

zandkorrels

Lezen, schrijven, observeren.

Ik wil zandkorrels, steentjes en rotsblokken taal rondstrooien.

AANKLEDEN

korrelsGeplaatst door José wo, mei 03, 2017 17:47:42

Ik las 'Het huis achter de wilgen' van Mariëtte Haveman. De titel is wat Bouquetreeksachtig, maar van een romantisch liefdesverhaal is geen sprake. Wel van een speurtocht, zij het niet een met papiertjes aan bomen.

Hoofdpersoon Marijn is een jonge vrouw die met zichzelf in de knoei zit en die zich, om die knoei te ontvluchten, nogal fanatiek stort op een opdracht van haar werkgever. Die wil een vakantiepark bouwen in de rietlanden in Drenthe op een plek waar bijna een eeuw geleden een familiebedrijf van rietvlechters gevestigd was. De Drentse eigenaar van dat bedrijf was getrouwd met de Engelse Virginia. Het huwelijk was ongelukkig. Om wat invulling aan haar dagen te geven, gaf de vrouw les aan de kinderen van het weeshuis op hun terrein. Deze kinderen waren tevens werknemers van het bedrijf.

Marijn heeft de opdracht een historische context voor het vakantiepark aan te dragen. Als deze op waarheid gestoeld is, is dat mooi, maar de feiten mogen veranderd en opgeleukt worden ten faveure van een mooie folder en website voor het park. Omdat Marijn schokkende zaken ontdekt over de leefomstandigheden van zowel de wezen als die van Virginia, krijgt ze een steeds grotere weerzin tegen het project. Ze is niet de enige. Een groep activisten bezet het terrein waar het park moet komen. Uiteindelijk komt het park er wél, maar Marijn is dan vanwege haar dwarse houding haar baan kwijt.

Ik vond 'Het huis achter de wilgen' nu en dan wat rommelig geschreven, maar het verhaal boeide me zeer. Er zijn een aantal verhaallijnen. Behalve die over Virginia, Marijns speurtocht naar haar en Marijns eigen geworstel, is er de beschrijving van het opofferen van natuur- en cultuurgrond aan een projectontwikkelaar met eurotekens in de ogen. Ik zag in dit laatste paralellen met bestaande recreatie- en 'natuur'parken. Zogenaamd met respect voor de geschiedenis van een gebied, worden op slimme wijze met wat bruikbare elementen uit het verleden winstgevende parken opgezet en aangekleed, dan wel opgepimpt.

Het motto van de roman, een fragment uit een fictief boekje van de fictieve schrijver A. van Schijndel, luidt:

De geschiedenis verschuilt zich. Koortsachtig zoekt men tussen wat oude spullen en verhalen en daar is zij, schraal en naakt. Wat nu? Men kleedt haar aan, voegt wat kleur toe. En dan, juist op het moment dat men haar aan het volk zal tonen, is zij weer verdwenen. Opgelost in het hier en nu. Wat overblijft zijn de kleren.